bouwmeestersoppad.reismee.nl

(2) rondreis 2015 Nieuw Zeeland deel 2

Reisverslag Nieuw Zeeland november 2015 DEEL 2

We kampeerden op een Freedomcamping bij het Lac Taupo, met zicht op de besneeuwde toppen van het Mt. Ngauruhoe.

Er liep een mooi wandelpad langs de uitlopers van het meer. Toen ik opstond rond 6.30 uur was het in de camper 4 graden Celsius. Buiten bleek er toch wat nachtvorst te zijn geweest. Het gras was wit en stijf bevroren. Maar het zonnetje kwam al snel op en zo liep ik mijn kilometers in de frisse ochtendlucht met zicht op een besneeuwde Mount Doom! Na het ontbijt reden we naar NAPIER.

 

Een stad aan zee, het kan hier bijna niet anders… Deze stad werd op 3 februari 1931 ineens met 40 vierkante kilometer uitgebreid door een vulkaanuitbarsting voor de kust die het land daar 3 meter omhoog stuwde waardoor het boven de zeespiegel kwam te liggen… Op dit nieuwe stuk grond is een hele nieuwe wijk gebouwd, voor een groot deel in de Art Deco stijl.

Het is leuk om hier wat rond te kijken. Ze verhuren zelfs jaren dertig auto’s die mooi in het straatbeeld passen. Hier at ik voor de eerste keer een Whitebait omelet. Verschillende wurmachtige vissen die nog in een vroeg stadium van ontwikkeling zijn worden voor de kust met een heel fijnmazig net uit zee geschept en per liter verkocht. Ze zijn namelijk te klein en te vochtig om los te verkopen. Deze smurrie kleine visjes wordt toegevoegd aan geklopte eieren; na het bakken is het resultaat een smeuïge omelet die naar vis smaakt. In de haven van NAPIER lag een Nederlands cruiseschip, “Noordam” uit Rotterdam met 2000 gasten aan boord. De middenstand in Napier was er blij mee vertelden ze.

Na ons uitstapje in de stad zochten we een campsite  op de Clifton Road een aantal km buiten NAPIER. Het Freecamp Clifton Road Reserve. We stonden weer met ons snuf aan de Pacific Ocean. Helaas was die te koud om er meer dan de tenen in te steken… De volgende dag moesten we vroeg op, want Gert had gereserveerd voor een tractortocht naar CAPE KIDNAPPERS. Deze kaap staat bekend om zijn kolonies Jan van Genten. We hadden ze natuurlijk al helemaal in het noorden gezien maar… deze vogels zijn zo mooi daar wilden we nog een tochtje aan wijden. We vertrokken om 7 uur, twee uur voor eb.

Drie tractors achter elkaar met achter iedere tractor een platte kar met daarop zo’n 20 mensen. Twee karren werden vol gezet met een scoutinggroep met hun begeleiders. We hadden leuke chauffeurs die in waren voor een lolletje en zeker die met de kinderen erop maakten menig extra rondje door de branding!

Het kiezelstrand was soms zo smal dat er wel door de golven gereden moest worden. We gingen langs een prachtige rotskust waar de verschillende aardlagen goed zichtbaar waren. Een laag , de onderste met schelpen, de vroegere zeebodem. Dan een laag dik aangeperst zand dat het uiterlijk had van steen, maar het verpulverde zo in je handen. Ook een laag as die de aarde ooit bedekt had na een vulkaanuitbarsting. Het werd ons allemaal leuk en ook aanschouwelijk uitgelegd. Wat ook mooi te zien was is dat de aardplaten de hele “rots”-wand schuin omhoog drukken. Ik kan er altijd van genieten al die vormen en structuren die zich aftekenen op zo’n wand. Ik heb er dan ook menig foto geknipt. Want niet alleen de structuren maken het zo mooi, ook al die aardetinten van lichtgrijs tot aan terrarood op die plekken waar dan weer ijzer in zit.  

We kwamen natuurlijk niet voor die wand alleen. De tractors stopten bij het puntje van het schiereiland. Daar restte ons alleen nog een klim naar de vuurtoren, waar een hele kolonie Jan van Genten van dichtbij te bekijken was. Dat was ook weer een unieke ervaring, we hebben ze natuurlijk al vaak gezien en waren altijd onder de indruk van hun duiktechniek, maar om nu zo dichtbij ze te staan en te zien hoe de eerste nestel perikelen zich ontwikkelen… ook weer heel bijzonder. We konden ze bijna aanraken, maar niet een leek ons ook maar te zien… Zo’n 4000 van die vogels zo dichtbij…

Ik heb niet geteld hoeveel keer ik op dat knopje van de camera heb gedrukt… en dan deed Gert ook nog eens z’n best, dus dat wordt nog wel een avondje foto’s  uitzoeken!

De terugweg deden we in het zonnetje en zo hadden we een prachtig uitstapje wat al met al zo’n vier uur had geduurd. Diezelfde dag reden we naar WELLINGTON, waar we voor de volgende dag de ferry hadden besproken. De omgeving van Wellington is ook weer op enkele plaatsen gebruikt in de film The Lord of the rings. Met name het Elfenbos Rivendel en ook de tuinen van Isengard lagen in Upper Hutt. Er is daar nu niets meer van al die opnames terug te vinden…

Wij vonden wel dat hoe meer naar het zuiden hoe meer het landschap veranderde. Geen golvend heuvelachtig groen landschap meer maar meer dalen met bergruggen. Nog wel groene weides, maar droger. Wel nog steeds veel schapen, meer zelfs wel dan in het noorden. Wat we hier in Nieuw Zeeland ook zien zijn Hollandse koeienrassen. De Lakenvelder en de Blaarkop zie je hier regelmatig in grote groepen in de weides. En laatst kregen we bij ons toetje een lange vinger. Ik weet niet of dat een specifiek Hollands product is maar zo voelt het wel…Wat ik ook nog steeds bijzonder vind is de hoeveelheid nationaliteiten die hier allemaal met een camper onderweg zijn. En niet alleen ouderen, zelfs veel jongeren. Die hebben dan meestal iets meer haast dan wij, omdat die het hele programma in één maand moeten afdraaien… Leuk om zo met al die verschillende mensen op pad te zijn. Want natuurlijk doe je allemaal dezelfde hoogtepunten en kom je elkaar soms weer eens tegen.

Zoals ik zei gaat het rijden prima! Er zitten hier stickers tegen de autoruit, zowel bij de bestuurder als bij de bijrijder, die melden.. KEEP LEFT Links fahren

Nieuw Zeeland Zuidereiland.

Zondag 8 november. We moesten weer vroeg op… Om 6.30 stond de wekker. De boot vertrok om 9.00 uur, maar we moesten één uur voor die vertrektijd in de rij gaan staan… Alle voertuigen gingen er eerst op en de ferry werd afgevuld met campers.

Toen we op volle zee waren, de Cook Strait heet het hier, werd het panoramadek op de 10e verdieping gesloten vanwege harde wind. Het ging inderdaad flink tekeer op zee, maar op de boot was geen extra beweging waar te nemen.

 

De overtocht duurde drie en een half uur. De binnenkomst op het Zuidereiland was prachtig door de Marlborough Sounds. Het deed een beetje denken aan de fjorden in Noorwegen. Op de boot troffen we nog drie andere Nederlandse stellen die we ook al eerder eens op een camping hadden ontmoet. We arriveerden in PICTON en vandaar ging het over een mooie slingerende bergweg met prachtige uitzichten naar NELSON.

In HAVELOCK namen we de lunch in “de Mosselpot”. Heerlijke groenlipmosselen geserveerd buiten op het terras. Havelock is Greenlipped Musselcapitol of the world!!! En zo smaakten ze ook!

De eindbestemming voor die dag was RICHMOND. We hadden daar weer een top ten camping en hoopten op een goede internetverbinding. We keken uit naar het wekelijkse contact met de kleinzoon. En we wilden afscheid nemen van Jaap, die dat weekend voor een maand naar Vietnam vertrok… Maar helaas, voor de eerste keer stelde een top ten camping ons teleur. Het lukte niet…. Vanuit Richmond reden we door naar Cape Farewell. We hadden een rit door de hoge bergen. Het was heel jammer dat het in het begin van de dag mistig was en we alle uitzichtpunten konden overslaan.. En later ontaardde het in een echte regendag.. dus de laatste tien kilometer op de gravelwegen waren al niet echt leuk meer…

We werden hartelijk ontvangen op het Wharariki Beach Holiday Park. Een heerlijk enthousiast jong meisje vertelde ons dat ze de vorige dag op het strand dichtbij de spelende jonge seals had gezeten.. En ook vertelde ze dat het de volgende dag een superdag zou worden … ze had het net op het weerbericht gezien.. een mooie zonnige dag! Dus we wilden haar graag geloven en boekten meteen voor twee nachten. Die dag deden we nog een wandelingetje naar het strand en vonden het er heel mooi! Wat een natuurgebied! Mooi strand en duinen, prachtige uitzichten!

En om op het strand te komen liepen we weer door mijn favoriete varenbos… Vol verwachting doken we die avond het bedje in…

En inderdaad, we werden wakker met een stralend blauwe lucht. Het was een eco-camping en dat zag je bij het openen van de gordijnen meteen. Twee paarden liepen tussen de campers door en de pauwen lieten hun rauwe luide roep duidelijk horen… De toiletten waren daar ouderwetse poepdozen. Geen probleem, ze zaten prima. Papier en een wastafeltje bij de hand. Alleen zat er een ventilatiesysteem op wat merkbaar zorgde dat alle luchtjes meteen werden afgevoerd.. Resultaat was wel dat de lucht onder je billen zo snel werd afgevoerd dat je je kunt indenken dat je er op die plek misschien verkouden van zou kunnen worden… Ze zeggen toch altijd.. pas op voor tocht?

We deden een wandeling over de groene heuvels, bekeken door grazende schapen. We klommen over trapjes die de weilanden van elkaar scheidden. Koeien keken ons met hun trouwe grote ogen na en wij genoten, want na iedere heuvel hadden we weer een ander fantastisch uitzicht op een binnenmeer, een rivier of de zee. Het pad voerde ons door weer een mooi bemost nevelbos en eindigde op een rots aan zee.

Eenmaal die afgedaald kwamen we op een klein strand tussen een paar rotsen in met een mooi uitzicht op de rotsen in zee. Maar.. het was nog vloed en onze terugweg lag voorbij de volgende rotsen.. Na veel geklim en geklauter kwamen we toch op een punt waar we op het afgaand tij moesten wachten om verder te kunnen… Het werd een heel avontuur! Terug op ons “eigen” strand zagen we een paar Seals ( zeeberen) liggen. Toen ik wat te dichterbij kwam voor een foto werd papa zeebeer boos… Deze seals zijn enkele maten groter dan onze zeehonden, de vacht is ook veel ruwer.

’s Middags gingen we nog een keertje terug naar het strand bij eb. Maar het waaide vreselijk hard, we werden compleet gezandstraald. En geen jonge zeehondjes in de kleine plasjes… Later zagen we in een binnenriviertje nog twee jonkies spelen en poetsen! Laat ik nu op de terugweg aan de rand van het bos een orchidee zien. Althans dat dacht ik… Het bloemetje was zo klein dat ik er wel acht foto’s voor nodig had voor ik er een had waarop het bloemetje een beetje duidelijk was te zien. In de camper heb ik meteen gezocht in het plantenboek en jawel, goed gezien, de Onion orchid!

De dag daarop werd een “rij”dag. We moesten om naar de oostkust te gaan dezelfde weg weer terug hebben. Dus wat we een paar dagen daarvoor in de mist deden daar konden we nu genieten van de uitzichten. En nu kwamen we dus ook weer langs de Mosselpot en laat dat nou net tegen lunchtijd wezen…

Wat mij hier in Nieuw Zeeland opvalt is de aanduiding voor toiletten. Soms staat er op het bordje Bathroom, je verwacht dan bijna ook een bad of douche in die ruimte.. Soms wordt het aangeduid als Restroom. Je zou dan weer een soort van sofa’s verwachten om lekker languit te kunnen relaxen, maar niets is minder waar.. Misschien staat dat “rest” voor op “je gemak” zitten..

Het was inmiddels flink gaan regenen toen we door de fruitschuur van het Zuidereiland reden. Hop, wijngaarden, kiwikwekerijen, en appels, peren en aardbeien. We reden door mooie berglandschappen, maar de groene heuvels met schapen en de zee zijn nooit ver weg hier. Langs de kust een paar kilometer voor onze bestemming, KAIKOURA zagen we weer Seals. Ze lagen in grote aantallen op de rotsen voor de kust. Ik heb nog wel een stukje gefilmd in de regen… We hadden een flinke rit gehad 397 kilometers!

We werden wakker met de regen die op het dak tikte. Maar het werd droog en na een half uurtje besloot ik toch maar te gaan lopen. En ja hoor twintig minuten was ik op pad en daar begon het weer. Geen schuilmogelijkheden en toen die er wel waren was ik inmiddels te nat om stil te gaan staan. Doornat kwam ik weer bij ons campertje. De schoenen hebben er een hele dag over gedaan om enigszins droog te worden. Ik was na een warme douche daar eerder mee klaar…

Je kunt hier maar kiezen uit allerlei soorten activiteiten. Op enkele kilometers voor de kust ligt een afgrond waar de zeebodem een diepte van 1000 meter bereikt. Op deze plek zorgen koude zeestromingen voor rijke visgronden. De walvissen en zeevogels komen op deze natuurlijke rijkdommen af! In het verleden lokte dit walvis- en robbenjagers. De  hoogtijdagen van de walvisvangst eindigden rond 1920. In 1964 werd er voor de laatste keer een walvis gedood voor de kust van Kaikoura. Intussen leveren de immense zoogdieren weer veel geld op maar nu vanwege de toeristen die er op af komen.

Dus kun je hier walvissen gaan spotten, op een boot, vanuit een vliegtuig of helicopter. Je kunt dolfijnen gaan zien of met ze zwemmen. Je kunt ook met Seals gaan zwemmen. Je kunt gaan kajakken, raften etc. Maar wij gaan niets van dat alles doen… Wij gaan op een boot zeevogels zoeken… Maar deze regendag gaan we voornamelijk zorgen dat we droog en warm blijven. Het is een aardig stadje en het eerste souvenirverzamelen is begonnen.. We hopen op beter weer morgen en gaan dan de zee op voor de vogels! Op vrijdag de dertiende…

We meldden ons netjes op tijd en degene die ons instrueerde over de gang van zaken vroeg nog naar onze eerdere ervaringen met varen op zee, want de zee was die dag nogal ruw.. De walvistochten waren voor de hele dag afgezegd. En inderdaad, de zee was zoals het wel bezongen wordt in liedjes over de woelige baren. Twee van de acht mensen hebben alleen schuin buiten boord hangend vanuit hun ooghoeken de geweldige albatrossen kunnen zien.. Wat een vogels, een spanwijdte van 3 meter. Ze komen prachtig langs zeilen met hun smalle vleugels.

 

De schipper voer eerst een flink stuk buitengaats en hing toen een korf met visafval buiten de boot. En dan willen ze wel komen… En als toetje zwommen er ineens ook nog een groep Dusky Dolphins rond de boot. Dit zijn kleine dolfijnen die mooi springen en duiken.

 

Het was echt een hele mooie ervaring. We boften, er was wel een harde wind wat de zee heel ruig maakte, maar verder was het droog met een zonnetje!

Op zaterdag gingen we weer verder richting WESTPORT. Ligt Kaikoura aan de oostkust, Westport ligt aan de westkust. Dus deze rit voerde ons dwars over het eiland. We moesten dit wel zo doen, want ten noorden van deze twee steden ligt een groot berggebied waar geen weg doorheen gaat. We hadden een prachtige rit, we keken onze ogen uit naar al die prachtige landschappen. Groene weides met schapen op heuvels met op de achtergrond hoge bergtoppen met sneeuw bedekt. En brem, heel veel bloeiende brem, soms wel een hele helling vol.. Er werd regelmatig gestopt om een foto te maken en steeds bleek het gewoon niet mogelijk om zoveel moois op een foto vast te leggen.

 

Westport is bekend om de pelsrobbenkolonie. Die vind je op Cape Foulwind. Daar gaat een wandelpad hoog over een rotsachtige klip. Hier zie je vanuit de hoogte een kolonie zeeberen ronddartelen in zee en in de rotspoelen. En omdat het nu lente is zag je dat de voortplanting ook de nodige aandacht kreeg. We vonden een mooie camping direct aan de kust en we mochten zelf ons plaatsje kiezen, dus dat werd er een met zicht op zee. We stonden helemaal perfect voor de zonsondergang. Maar, Pluvius was ons ook nu niet goed gezind. We stonden nog geen half uur toen het al weer met bakken uit de lucht kwam vallen, en het zonnetje en ook de mooie sterrenhemel waar we ons op hadden verheugd, noppes, nada!

En ook de zondagmorgen was grijs en nat. Gelukkig hadden we een goede internetverbinding en konden we gezellig bijkletsen met Harm, Katrien en de bijna belangrijkste.. Stan! Hij loopt nu en dat konden we zo even met eigen ogen aanschouwen.

We draaiden daarna de voorstoelen weer in de rijstand en deden eerst de Countdown supermarkt aan voor de wekelijkse boodschappen. De tank werd nog even volgegooid met diesel. Die kost hier om en nabij de 80 eurocent de liter. Maar er komt nog dieseltax bij.. alleen weten we niet precies hoe dat in z’n werk gaat! We hebben nog een paar weken om dat uit te zoeken..

Over een prachtige kustweg, die soms op zeeniveau lag, maar soms ook een blik vanuit de hoogte gunde op de blauwe zee, reden we naar PUNAKAIKI. Het is hier een rotsachtige kust met veel kleine inhammen, met grote rotsblokken in zee voor de kust. De weg heet de Great Coast Road en het deed ons allemaal erg terugdenken aan de Great Ocean Road in Australië. We stapten geregeld uit om te genieten van het woeste geweld van die blauwe Tasman Sea. In enkele kleine baaien kon je zien dat die woeste golven in de loop der tijd bijzondere vormen hadden uitgeslepen in de rotswanden. In Punakaiki stopten we om de pancakes te gaan bekijken. Er is een wandelpad over en langs de rotsen zo loop je naar heel apart gevormde rotsen, eigenlijk net hoge stapels pannenkoeken..

Maar de zee heeft ook flinke gaten onderin de rotsen geslagen en als het hoogtij is komt het water met kracht deze gaten in waardoor grote pluimen waternevel door de rotsspleten omhoog stuwen. Een apart verschijnsel, blowholes noemen ze ze.

Hierna volgden we de Great Coast Road verder zuidwaarts. Er liggen meerdere picknickplaatsen op mooie uitzichtpunten langs deze weg. Het noordelijkste deel van deze weg vonden we wel het meest bijzonder! We kwamen door het stadje GREYMOUTH maar stopten pas in HOKITIKA Daar hadden we onze 21e overnachtingsplaats. Nu ik dit opschrijf moet ik ook vreselijk hard nadenken hoe die camping er ook weer uitzag. Want, ja je slaapt bijna overal maar één nacht en dan ga je al weer op weg naar de volgende. Maar ik weet het al weer HOKITIKA is een stadje waar veel jade wordt bewerkt. Dit is een groene steen, die hier in de bergen gevonden wordt. Vaak in enorme blokken waarvan een leek aan de buitenkant echt niet kan zien hoe prachtig groen dat hij binnenin is. De Maori”s bewerkten deze steen vroeger al. Natuurlijk waren er teveel winkels waar je jade sieraden kon kopen! We hebben er een toerke gedaan, maar het leek allemaal wel erg veel op elkaar en het bleek geen kwestie van even een kopen aan de bron is voordelig. Ze wisten goed van prijzen.

Na een nachtje lekker slapen, want dat doen we prima in ons campertje, ging alles weer aan boord en vervolgden we de weg zuidelijk. Al snel vielen we weer stil, LAKE MAHINAPUA. Langs de weg staan op veel plaatsen bordjes waarop is aangegeven dat je er een wandeling kunt doen, hoever in afstand en in looptijd. En of er een toilet aanwezig is. Dat is hier goed geregeld. Ook kleine wandelingetjes van 10 en 20 minuten worden aangegeven. Dat is wel leuk, want die breken de reistijd leuk. Nu stopten we dus bij een flink meer waar een DOC camping was. Dat wil zeggen dat je er vrij in de natuur kunt kamperen. Meestal is er wel een soort brievenbus waar ze een bijdrage in verwachten voor onderhoud van het terrein en het reinigen van de toiletten. Goed geregeld allemaal!

 

De wandeling voerde ons weer door een Rainforest en ik kan er maar geen genoeg van krijgen, echt genieten kan ik in die bossen. Zoveel verschillende varens en even zoveel verschillende mossen. Gert heeft het over vijftig tinten groen… De omgevallen bomen blijven liggen en worden langzaam verteerd door insecten en planten. Na deze wandeling stopten we al snel weer voor een Tree Top Walk. Hier hadden ze hoog een hele constructie gemaakt waardoor je als het ware over het bos heen liep. Nu kon je zien hoe de orchideeën hoog in de boomtoppen groeien. Helaas geen bloemen, want deze bloemen bloeien pas in de herfst, dus dat was pech voor Elsje.. Ik moet zeggen dat ik het ook wel spannend vond om zo hoog over open roosters te lopen.. de uitzichten maakten veel goed!

We passeerden het stadje ROSS waar in 1909 een 3,1 kg zware goudklomp werd gevonden, de tot op de heden de grootste ooit gevonden in Nieuw Zeeland. Ook nu nog wordt er goud gevonden, men vermoedt dat er nog een goudlaag onder het dorpscentrum ligt… We lieten Ross voor wat het was en besloten door te rijden via Kakapotahi, Pukekura, Harihari en Whataroa naar Okarito. Wat een namen hè, je moet eens proberen om die snel achter elkaar te zeggen en ze dan later nog een keer te herhalen.. zonder te spieken… Dat laatste wil ons maar niet lukken… Zo is het de gewoonte  als je je aanmeldt op een nieuwe camping dat ze vragen wat je die dag hebt gedaan en wat je vorige overnachtingsplaats was… Moeilijk, iedere keer weer…

We besloten om te gaan kijken in OKARITO omdat daar volgens de beschrijving enorm veel zeevogels te observeren zouden zijn. Helaas niet een gezien; we deden daar nog een wandeling, eerst naar het strand waar een enorme hoeveelheid aangespoeld hout lag en daarna nog een beboste helling op met een uitzichtpunt. Ook hier weer veel mossen, die erom vroegen om gefotografeerd te worden.. Laat ik nu later in de camper zien dat ik met die macro-opname van mos ook een orchidee had gefotografeerd. Hij staat er niet eens zo gek op. Het is dan ook maar een minibloemetje natuurlijk maar toch… bijzonder!

We hadden hier aan de kust kunnen overnachten, maar het was nog vroeg en erg veel was er verder ook niet te beleven dus gingen we door via Franz Jozef Glacier, een best toeristisch plaatsje, naar FOX GLACIER. In deze laatste plaats vonden we onze camping voor die nacht. Van daaruit konden we de volgende dag omhoog rijden en de gletsjer vrij dicht benaderen. Het laatste stuk ging natuurlijk te voet.

Al lopend passeerde je bordjes waarop je kon zien hoe ver de gletsjer ooit kwam. Dan heeft hij wel heel veel ingeleverd… Het was weer grijs weer, de gletsjer ligt in een grijze omgeving.. De sneeuw op de gletsjer is in de loop der tijd stoffig grijs geworden.. Dus, hoe kan het anders, onze foto’s lijken wel gemaakt op de zwart/wit stand.

Natuurlijk hadden we met een vliegtuigje of helikopter omhoog kunnen gaan en vanuit de lucht is hij prachtig om te zien. Dat bewijzen alle foto’s in het dorp en de folders wel. Maar inmiddels kennen nu heel wat mensen deze gletsjer omdat er deze week een helikopter met daarin  6 passagiers is verongelukt.

Het volgende onderdeel van die dag stemde vrolijker. Een wandeling door weer een mooi, zo niet nog mooier rainforest bij LAKE MOERAKI naar het strand: MONRO BEACH waar we Fiordland Crested Penguins konden vinden. En we konden ze goed zien. We bekeken hoe ze uit zee werkelijk kwamen aangespoeld en zich dan met hun bekende schuifelpasjes, de bovenste vinnen wijd uitstaand al waggelend een weg zochten naar hun nesten, langs en over de rotsen. Het lopen leek wel wat weg te hebben van de manier waarop Stan zich nu door de kamer beweegt… Maar ook hier waren de pinguïns dus druk bezig met de voortplanting. Na deze mooie ervaring liepen we door het bos weer terug naar de camper.

Op de heenweg had ik al wat stapeltjes witte kiezels gezien, maar nu zag ik er nog meer, sommige in een mossig nisje tussen boomwortels of op een mooi plekje tussen de rotsblokken. En op de bovenste steen lag dan een hartje of een mooi vlindertje. We zullen nooit weten wie die stapeltjes er zo bewust heeft neergelegd, maar mij gaf het een fijn gevoel dat iemand die een bos, dat van zichzelf al zo mooi is, nog bijzonderder heeft gemaakt!

Die nacht sliepen we in HAAST. Vreemd is dat dit nu een plaats was waar niets was, open en winderig. In de stad zijn we niet geweest… en deze kan ik me nu nog goed herinneren.. misschien omdat er dus ook echt niets was.. Nee, dit is toch ook weer niet waar. Er is daar wel een informatiecentrum van DOC. Met een mooie tentoonstelling van het leven in vroegere tijd in dit gebied. Maar ook met een informatiefolder met daarop aangegeven welke wandelingen je kunt doen langs de Haast Highway. En die weg stond als volgende op het programma. Nu weet ik niet of jullie net als ik bij het horen van de naam Highway denken aan brede asfaltwegen, minstens vier banen breed.. Maar wij zijn er inmiddels achter gekomen dat iedere weg die geasfalteerd is en waarop auto’s kunnen rijden hier een highway wordt genoemd. Ook al is die weg soms maar anderhalve auto breed..

Goed de Haast highway dus, van Haast naar Wanaka. Volgens de folder konden we daar wel 15 uitstapjes langs plannen. En ik moet zeggen, het was leuk en soms mooi, niet alles héél spectaculair maar het werd zo een gezellige dag, met mooie uitzichten op besneeuwde bergen.

We reden langs een rivier, dronken koffie op het getipte adres van het informatiecentrum in een informatiecentrum.. waar je ook nog lekker kon lunchen en gaandeweg de dag bleek dit onze eerste hele “zon”dag. Echt van het opstaan tot de avond was gevallen… Ook dat zorgde natuurlijk voor een speciaal gevoel. In WANAKA lieten we ons verrassen door het geweldige uitzicht over het intens blauwe meer naar de hoge, besneeuwde toppen aan de horizon. Zonnende mensen op het strand. Volle terrassen! ZOMER! We hebben de camper op z’n plekkie gezet, de camping ligt daar tegen het centrum aan en na een hele korte verkenning van de winkelstraten vonden we een mooi plaatsje op een terras en daar zijn we niet meer weggegaan voor de avond viel en het uiteindelijk te koud werd zonder trui… Een prachtige dag voorbij!

Inmiddels werd het 19 november en reden we via CROMWELL naar QUEENSTOWN. Het landschap veranderde naar Queenstown toe. Het werd wat ruiger, de bergen rotsiger ( is dat een bestaand woord?) Veel wijngaarden in de omgeving van Cromwell en ook veel fruitboomgaarden. Op de landkaart kan ik zien dat de omgeving van Queenstown met z’n hoge donkere, bijna dreigende bergruggen is gebruikt in veel films. Natuurlijk ook weer in The Lord of the Rings met verschillende scenes of Middle Earth. In Queenstown konden we in het drop-off adres van onze camper de vuile handdoeken en lakens inleveren en de schone in ontvangst nemen. Goed geregeld, kopje koffie erbij en een lekker schoon bedje..

Het was weer een heerlijke dag, daarom besloten we maar door te rijden richting Fiordenkust. Het Fiordland National Park. Het grootste N.P van Nieuw Zeeland, 12.500 km2. Er lopen wandelpaden in en één enkele gravelroad. Verder zijn alleen de fjorden toegankelijk per boot.. Het park omvat 14 Nieuw-Zeelandse fjorden, ze zijn omringd door tot 2700 m hoge bergen. Ze werden gevormd door gletsjers van de laatste ijstijd, die zo’n 15.000 jaar geleden eindigde. De meer dan 1000 meter dikke ijsmassa sleet in het grondgesteente U-vormige trogdalen uit. Nadat het ijs zich had teruggetrokken drong de stijgende zee binnen in de dalen.

Er is hier keus om een boottocht te doen vanuit Milford Sound, of vanuit Dougtful Sound. Wij kozen voor de laatste omdat deze schijnbaar nog wat minder toeristen trekt en de vaartocht ook langer is. Volgens het boekje voor natuurliefhebbers de beste keus. En onder die groep scharen we ons ook wel…. Maar eerst nog een nachtje slapen want het was een lange rit van Wanaka naar MANAPOURI. Wel weer genoten van alle uitzichten op het landschap en het weer was ook goed, veel zon en droog! Iets wat we met de boottocht ook goed zouden kunnen gebruiken!

We wisten het meteen bij het wakker worden… regen! Maar we gingen toch, in het regelkantoor verzekerden ze ons dat regen niet nadelig is. Er zijn dan meer en vollere watervallen. En het weer kan ieder moment veranderen dus alles was nog mogelijk! Het uitstapje bestond uit twee delen:  eerst een vaartocht over Lake Manapouri naar de ondergrondse waterkrachtcentrale. Hier werden we overgezet in bussen. Voor de rit van het meer naar het fjord nemen de bussen de 20 km lange weg over de 670m hoge Wilmot Pass, die bij de bouw van de waterkrachtcentrale is aangelegd. Dit is een van de steilste onverharde wegen van het land waarover touringcars rijden.. Bij de oplevering was hij vanwege het moeilijke terrein ook een van de duurste wegen… De weg heeft 2 NZ dollar per centimeter gekost..

Boven op de Pass mochten we even uitstappen om het doorkijkje op het Doubtful fjord te fotograferen. De buschauffeur vertelde er meteen bij dat we boften, want meestal is er helemaal niets te zien van het uitzicht vanwege regen, lage wolken en mist. Het schijnt dat het hier twee van de drie dagen regent…. Maar we hadden een prachtige boot en een geweldige natuurgids aan boord die ons veel vertelde over de geschiedenis van dit gebied, de natuur en de dieren die er voorkomen. Het weer wisselde, we konden droog foto’s maken van de pinguïns en de pelsrobben.

De natuur is overweldigend, zo’n groot gebied waar nooit mens kan komen. Prachtige contouren van de bergen die lijken op te rijzen uit het water.

We voeren tot de Tasman Sea, daar bleven we op een veilige afstand van vandaan, want we merkten aan het toenemen van de wind dat we in de buurt van de open zee kwamen. Voor het eerst voelden we daar de boot ook enigszins schommelen en stampen. Het bleef een natte druilerige dag. Met veel, heel veel prachtige watervallen. Vanaf dat we weer terug in Manapouri waren heeft het niet meer geregend..

De volgende dag wilden we eigenlijk nog geen afscheid nemen van dit prachtige gebied en besloten om de Te Anau-Milford Highway te rijden. Het weer was niet beter dan die dag daarvoor maar ach! Eerst brachten we een bezoekje aan een Bird-Sanctuary in Te Anau. Daar zagen we de Takahe. Dit is een enorme, ontzettend blauwe hoen. Hij komt van nature voor in Nieuw Zeeland, maar is helaas bijna uitgestorven. Hier hebben ze er twee die ooit gewond binnen zijn gekomen. Maar ze broeden en brengen elk jaar een jong groot dat dan weer uitgezet wordt in een gebied zonder vijanden, dus dieren die op hen jagen. Het was leuk om te zien en te horen met hoeveel zorg de dieren hier werden omringd. Zo hadden ze ook een koppel Kaka’s die vanwege allerlei gebreken niet meer terug de natuur in konden, maar hun jongen werden nadat ze waren grootgebracht wel weer in veilige gebieden uitgezet. Een Kaka is een grote papegaai die in het regenwoud huist. Maar ze hadden ook een Canadese gans op een nest eieren zitten.. dat vond Gert dan weer wat minder… Het is een groot probleem hier in Nieuw Zeeland dat vrijwel alle inheemse dieren het onderspit delven aan de ingevoerde soorten. Voornamelijk de wezel en ratten bedreigen veel vogels.

De Milford Highway, wat voerde die weg ons door een adembenemend landschap. En nu zagen we door alle regen en lage bewolking nog maar de helft. Heel bijzonder, we hadden een folder met alle bezienswaardigheden en wandelingen langs de weg. Ik kan wel zeggen dat ik nog nooit van m’n leven zoveel watervallen zo dicht bij elkaar heb gezien als hier.. Bergwanden waar er gerust twaalf bijna naast elkaar naar beneden denderen… En wat we daar ok zagen, de Kea. Dit is een bergpapgaai. Het dier is helemaal niet schuw, er staan ook overal bordjes met Don’t feed the Kea. Ze gaan op elke auto zitten en rijden soms een stukje mee, wat een heel koddig gezicht is. Gert wilde een foto maken toen er zo’n Kea op onze camper zat. Daar staat namelijk met grote letters Kea op, de merknaam van deze camper. Helaas.. mislukt!

We sliepen in TE ANAU. En gingen ’s avonds uit eten in het stadje wat op loopafstand was van de camping. Zondag, 22 november, gisteren… reden we naar het zuiden en staan nu in INVERCARGILL. We reden langs de kust en lieten ons af en toe even loswaaien op het strand en doken dan weer snel de auto in want met 8 graden was het een winderige koude dag. Maar zodra we de bergen de rug toekeerden hebben we geen regen meer gehad. En hier in Invercargill heb ik het verslag geschreven en genoten we van een vrije, droge dag!

Dus weer wat bijgekomen vertrokken we dinsdag 24 november naar de Catlins. We hadden ook hier weer een folder waar alle wandelingen en bezienswaardigheden langs de South Scenic Road op stonden aangegeven. Zo wandelden we in Waituna Lagoon, een moerasgebied. In de hoop de Fernbird te ontdekken.. In de boekjes staat al dat je hem vrijwel nooit ziet maar wel regelmatig kunt horen. Beide was niet het geval, jammer.

Wel zagen we zonnedauw, een vleesetend plantje en de slakjes in het slik. Het volgend uitstapje was Waipapa point. Daar zagen we zeeleeuwen op het stand. Twee dikke roerloze enorme bulten, diep in slaap. Nu staan er overal borden… kijk uit.. stoor ze niet, want ze kunnen agressief zijn… Dus op gepaste afstand hebben we ze bekeken. Een niet zo klein jong kwam even overeind en schurkte zich, een meter of drie verder, lekker tegen papa en mama zeeleeuw aan. Einde voorstelling…

Er zwom er nog een dicht bij de kust, die lag lekker te buitelen in het water. Er stond een straffe wind en aan de boompjes langs de kust kun je goed zien dat dat vandaag niet voor het eerst was en uit welke hoek de wind meestal komt..

De volgende stop was bij Curio Bay. We waren net 120 km onderweg, dus dat was nog niet zo ver, maar hier lag een Holiday camping op zo’n mooi plekje dat we besloten maar te blijven overnachten daar. En toen de dame die ons inschreef op de camping vertelde dat we de pinguïns vanaf 18.00 uur op het strand konden zien, wisten we dat we goed gekozen hadden. De camping lag in de ronding van een baai. In de baai lieten zich regelmatig dolfijnen zien.. stond in de beschrijving, de zeeleeuwen waren een regelmatige bezoeker van de camping.. en de geeloogpinguïns waren op twee stranden regelmatige bezoekers! Er daar stonden we die avond dus midden tussenin..

Tegen 18.00 uur liepen we in het zonnetje, we hadden die dag prachtig weer, naar het betreffende stukje strand en namen plaats op de rotsen.. We waren niet de enigen en niet de eersten. Het werd wachten.. allemaal met het zicht op zee. Want iedereen verwachtte ze uit de golven te zien komen.

We zaten met een Nederlands stel uit Waalwijk gezellig de vakantie ervaringen door te nemen.. En zo zaten we daar al gauw een uur. Het werd wat killer, er werden jassen gehaald en zo zaten we er al weer twee uur. We hadden een mooi uitzicht op de branding die op verschillende plaatsen met veel kracht op de rotsen beukte. Hoge fonteinen van water had dat tot gevolg!

Het zonnetje ging onder, we raakten wat uitgepraat, het licht viel weg en nog geen pinguïn gezien! Ik gaf het op en liep terug de camping op en was daar nog net op tijd om te zien hoe een volwassen zeeleeuw een langsrijdend campertje aanviel.. Nou ik kan jullie verzekeren dat iedereen de voorgeschreven afstand meteen in acht nam. Wat een agressief beest, en snel en groot… En dat zo op de camping, op de weg naar de toiletten… Een drie kwartier later kwam Gert terug van het strand met mooie foto’s van de geeloogpinguïns. Ze waren niet uit zee gekomen, maar uit de bosjes achter de wachtende mensen.. de echte volhouders. Ze hadden daar al die tijd stilletjes achter ons zitten wachten…

 

Ik heb nog regelmatig die dag de baai gecheckt, maar geen dolfijnen..

De volgende morgen begon bewolkt. Na het aankleden ging ik eerst even het strand en de baai controleren. Laat daar een mooi licht boven zee zijn, dat werd weerspiegelt op het natte strand van de branding.

En op het strand… tjee, twee pinguïns. Rennen terug naar de camper om Gert te waarschuwen en de camera te halen. Het was een prachtige ervaring om ze zo mooi te kunnen observeren. De meeste mensen sliepen nog. Op een gegeven moment had ik de camera gewoon op het strand gezet en liet ik de film lopen. Ik zat er op m`n hurken achter. Ineens wijzigden de pinguïns hun koers en kwamen regelrecht op me af… te dichtbij voor de film, maar ik heb ze diep in de ogen kunnen kijken.

 

Ze waren helemaal niet bang van de mensen. Wat een bijzondere ervaring!!! Ze waren met z’n tweetjes, we vermoeden dat het een stelletje was. Ze waren uit zee naar de duinen gelopen om te kijken of er onder de begroeiing een mooi plekje was om een nest te maken. Ze inspecteerden verschillende struiken, maar keerden uiteindelijk terug naar zee en verdwenen weer in de golven…

 

Na deze prachtige ervaring smaakte het ontbijt ons opperbest! We namen het foldertje met de uitstapjes weer ter hand en bekeken zo de MacLean Falls. Volgens de beschrijving de mooiste van Nieuw-Zeeland. En inderdaad, mooi maar ook een mooie wandeling door het bos waar we nu eens de boomfuchia goed konden zien. Het zijn dezelfde bloemen als bij ons de fuchia, maar het zijn inderdaad flinke stammen met een schilferende bast.

Gert vond ook nog een orchidee, maar helaas nog in knop dus niet te determineren. Er volgde nog een boardwalkwandeling door een Estuary met weer kans op een Fernbird… wel gehoord, maar helaas niet gezien.. We kochten een nieuwe gasfles in Owaka enlunchten daar ook maar meteen. Het was weer een lekkere zonnige dag geworden. In Suratbay zagen we tijdens een wandeling weer zeeleeuwen een tukkie doen op het strand.

Op Nugget Point sjouwden we omhoog naar de vuurtoren en zagen we in de diepte tegen de rotsen aan de pelsrobben weer liggen. Die hadden daar een mooi ongestoorde plek op de rotsen. Daar broedden ook lepelaars, de spotted shags, de red billed gulls, de kelp gulls en de white fronted terns. Dus al met al een drukte van belang op die rotsen, die onbereikbaar waren voor mensen.

Onze camping voor die nacht vonden we in KAKA. Vanaf Kaka volgden we de Kaka Point Road naar het noorden. Om bij de Sinclair Wedlands te komen moesten we een gravelroad nemen van 13 km. Een behoorlijk stoffige toestand. We stuitten nog op een kudde schapen die net met behulp van een paar bordercollies verweid werden. En verderop nog een kudde kalveren die begeleid door twee boeren op quads naar de wei onderweg waren. Het Sinclair wetland, een 315 ha groot gebied met meren en moerassen was een mooi gebied om door te wandelen. Mooie uitzichten op de rondom liggende bergen met velden bloeiende brem. En weer hoop op de Fernbird natuurlijk. En laten we nu, op de terugweg, bijna weer rond, hem zien, vliegen, zitten en horen fluiten… en nog op de foto ook! Succesje!

De TomTom, leidden ons weer verder naar de route. Nu heet hij hier Nevman, maar spreekt bijna gewoon Nederlands. Deze weet altijd wel slimme binnendoor weggetjes, die niet altijd even handig zijn voor een camper... Wij hadden het plaatsje Brighton ingevoerd, aan de kust. Volgens de boeken de moeite waard. We waren blij dat de Nevman ons niet die hele gravelroad terug liet rijden. We waren te vroeg blij geweest. We belandden weer op een achtbaan. Jammer dat ik dit niet aan jullie kan laten zien, maar zo golvend als de bergen zijn zo golvend was ook onze gravelroad. Steil omhoog en pas als je over de top was kon je zien dat de weg weer steil naar beneden verder liep om verderop weer net zo steil omhoog te gaan. Ik kreeg de neiging om, net als ik iedereen bij m`n laatste eftelingbezoek zag doen bij die steile afdalingen, m`n armen ophoog te gooien en te gillen… maar daar werd Gert dan weer niet blij van.. Die was steeds weer benieuwd of we de top wel zouden halen… Pffff na vele, vele kilometers door deze achtbaan attractie reden we op een verharde weg Brighton binnen. We hoopten op een café en koffie maar daar zag het niet meteen naar uit. De auto die achter ons reed attendeerde ons op een lekke achterband.. En ja hoor, echt helemaal plat!

De hulplijn van het verhuurbedrijf werd geraadpleegd en die zorgde dat de Road-assistence onze band kwam vervangen door de reserve band. Binnen een half uur was dat geregeld en konden we bij een Tyrecentrum in Dunedin de kapotte weer laten oplappen. Een scherp steentje van de gravelroad had zich er dwars doorheen geboord… We zochten voor de nacht een plaatsje op de camping in PORTOBELLO op het Otago Penninsula.. We konden nog even het dorp bezichtigen en kwamen terecht bij een bowlingcenter. Dat is een vierkant stuk kunstgras waarop niet wordt gebowld zoals wij dat kennen maar gekoersbald… Met wel 10 stellen tegelijk. Het was leuk om dit zo eens aan de gang te zien. De regen had ons inmiddels ook weer gevonden.

En ook de volgende dag werden we wakker met regen. Jammer nu we net weer in een prachtig natuurgebied zitten… We reden naar het puntje van het Peninsula, daar is namelijk het Royal Albatros Center gevestigd. Hier deden we een rondleiding. Zo zagen we vanuit een uitkijkpunt dat vroeger door de militairen als artilleriestelling voor de kustverdediging werd gebruikt de albatrossen op de nesten zitten. We zagen ze aan komen vliegen en hoe de stelletjes elkaar begroetten. We hoorden het verhaal over hun manier van leven. Het was allemaal erg leuk om te horen en we genoten ook van het enthousiasme waarmee het werd gebracht! Helaas leverde het ons geen mooiere foto’s op van deze vogels, omdat alles achter glas werd geobserveerd om deze dieren zo min mogelijk te storen. Na de lunch daar bleek het nog steeds te regenen en niet echt zachtjes… Dus hebben we de andere mooie strandjes en baaitjes maar gelaten voor wat het was en hebben de camper op de camping in DUNEDIN gezet. En daar onze telefoons weer aangesloten op de WIFI en weer even bijgekletst met Jaap in Vietnam, Harm en zijn gezin en de vriendinnen in Oosterhout. Meteen was de hele wereld weer onder bereik!

Deze zaterdag, 28 november, zijn we een dagje Dunedin in geweest, hebben wat geshopt en het was daar Schotse dag dus we hebben meteen een beetje Schotse cultuur gesnoven. Morgen gaat het weer verder langs de oostkust naar het noorden. Nog heel wat mooie plekjes te gaan… duimen maar voor weer een paar dagen mooi weer. We zagen dat in Dunedin, net als in de meeste stadjes, er altijd overkappingen zijn aan de voorkant van de winkels. Zodoende kun je ook bij regen redelijk droog winkelen… En wij denken dat ze dat echt niet gedaan hebben omdat het hier altijd zonnig is…

We staan nu op een drukke stadscamping. Wij hebben een KEA camper en gisterenavond kwamen er nog vier van dezelfde campers de camping opgereden… Het is dan een hele klus om in het donker, na het laatste sanitair bezoek, je eigen campertje weer terug te vinden.. Ik heb me tijdens de reis één keer vergist en stapte de verkeerde in.

Gelukkig ’s morgens vroeg maar toch.. Toen ik binnen stapte ontdekte ik vreemde mensen aan ons tafeltje en ik zag de foto van Stan niet hangen… Al die campers zijn identiek, dezelfde gordijnen, dezelfde handdoeken, theedoeken.. bekleding! En er zijn wat mensen met campers onderweg! Je rijdt allemaal ongeveer dezelfde route vanaf dezelfde folders. Dus zo zie je ook regelmatig dezelfde mensen weer terug op de campings. Het is toch wel een bijzonder leven, iedere dag weer op een andere camping, ander sanitairgebouw. De ene dag staat de camper wat voorover, dan weer eens over de hele lengte uit balans… Gisteren hadden we een warme nacht van 23 graden. Vannacht was het 4 graden… Wat het weer betreft is er geen peil op te trekken. De temperaturen wisselen heel sterk maar ook de zon en regendagen wisselen elkaar in een snel tempo af. De helft van de meegenomen kleding is nog niet uit de kast geweest… Ik draag al 7 weken hetzelfde rode vest… lekker warm! Ik had maar één echt warm vest meegenomen….

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!